Verslag van de vergadering van 3 februari 2026 (2025/2026 nr. 16)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 16.15 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Kemperman i (FVD):
Dank u wel, voorzitter. Allereerst natuurlijk felicitaties aan collega Kanis voor zijn maidenspeech. Collega Straus wens ik straks wijsheid, moed, compassie, maar vooral veel plezier bij haar maidenspeech.
Voorzitter. De wil om de PAS-melders te redden was er zeker bij deze minister. De meerderheid van de Kamer stond achter haar en er waren ook juridische mogelijkheden, maar met onwillige honden is het slecht hazen vangen. De vraag is daarom gerechtvaardigd met wie de Kamer vandaag debatteert. Formeel is dat natuurlijk met de minister, maar ik richt mij in mijn betoog ook nadrukkelijk tot alle experts en adviseurs die deze minister "ondersteunden" op haar moeilijke weg. We zien hier een parallel met de dappere inzet van minister Faber op het asielbeleid: niet altijd handig, wel koersvast. Achteraf zou je kunnen zeggen: dead on arrival, gedoemd te mislukken. Politieke verandering die in de kiem gesmoord wordt. Waarom? Door wie? Wat is het belang? Het zijn vragen die voor mij nog steeds openstaan.
De maatwerkaanpak PAS-melders is het gevolg van stikstofwetgeving die wij onszelf hebben aangedaan. Geen land in de wereld heeft een vergelijkbaar stikstofprobleem. Deze dwaling past in de lijn van de "verstikkende deken"-uitspraak van Kamerlid Jetten en het stikstofgestuntel van de voorganger van deze minister. Het getuigt van tenenkrommende onwetendheid en een griezelige tunnelvisie. Het duurt niet lang voordat wij hiermee onze economie kapot hebben gemaakt en onze boeren de nek omdraaien.
Voorzitter. Ik ben op weg naar deze Kamer op de A12 aangehouden door een agent. Hij verweet mij dat ik tussen de 0 en 100 kilometer te hard zou hebben gereden. Dat had hij niet gemeten, maar dat had hij de dag ervoor uitgerekend met een computermodel. Er was ook geen aantoonbaar causaal verband tussen de snelheidsovertreding en mijn auto, en de snelweg had net zo goed een andere kunnen zijn. Maar goed, ondanks alles, ondanks deze minor details, moet ik straks mijn rijbewijs inleveren, wordt mijn auto gevorderd en krijg ik een boete. Dit lijkt een grap, maar voor boeren en PAS-melders is het helaas de trieste werkelijkheid. Dit debat staat symbool voor de door onszelf veroorzaakte stikstofgekte.
Deze minister treft niet alleen blaam, zeker niet als je met een fiets een zandduin probeert op te rijden met vierkante wielen en je coalitiepartners en ambtenaren ook nog eens aan je bagagedrager hangen. Waarom hebben PAS-melders nooit een generaal pardon gekregen? Wie of wat hield dat tegen? Ongetwijfeld is gewezen op de juridische onhoudbaarheid, maar dan zet je 100 topjuristen van de landsadvocaat in en procedeer je door tot het einde. De wet als wapen in een ideologische guerrilla; de "methode-Vollenbroek", zouden we het kunnen noemen. De nietsontziende procesdrift van zogenoemde natuurbeschermers die bedrijven, gezinnen en voedselproducenten verwoest, dwingt daartoe. Wie tot de hoogste rechter procedeert voor stikstof en natuur en daarbij het kapotmaken van mensen en bedrijven als nevenschade accepteert, heeft zijn morele kompas verloren.
Een andere vraag aan de minister gaat over het meestribbelen door provinciebestuurders.
De voorzitter:
Eerst een interruptie van mevrouw Kluit.
Mevrouw Kluit i (GroenLinks-PvdA):
Nou, het is geen interruptie, voorzitter. Het is een vraag aan u. Wilt u erop wijzen dat het niet correct is dat burgers die gewoon gebruikmaken van hun recht om naar de rechter te gaan, in deze terminologie worden aangesproken in een debat waarin ze zich niet kunnen verdedigen?
De voorzitter:
Ik zal erop letten, maar ik heb nog niet iets heel prangends gehoord.
De heer Kemperman (FVD):
Voorzitter. Ik ga verder, als u mij toestaat. Een andere vraag aan de minister gaat over het meestribbelen door provinciebestuurders. Uw partijgenoot en gedeputeerde in Gelderland heeft onlangs haar Gelderse stikstofstrokenbeleid gepresenteerd — drie keer woordwaarde en winst bij Scrabble — dat veel strenger is dan het landelijke beleid van de minister. Nog meer beperkingen voor boeren en ondernemers rondom de Natura 2000-gebieden: wat vindt de minister hiervan?
Waarom is er geen keihard nee tegen Europa uitgesproken? Dat geldt overigens ook voor de derogatie op de richtlijn voor het uitrijden van mest. Niemand is immers gehouden mee te werken aan zijn eigen ondergang. Verzet tegen Europa lijkt gerechtvaardigd wanneer de consequenties van beleid buitenproportioneel schadelijk zijn voor eigen burgers, boeren en ondernemers.
Voorzitter. Tot aan de Tweede Wereldoorlog beheerden boeren en particuliere grondeigenaren de natuur, die toen floreerde. Na de oorlog dwong de overheid industriële landbouw af en scheidde zij landbouw en natuur. Het natuurbeheer werd overgenomen door gesubsidieerde instituties. Op basis van betwiste aannames dat het slecht gaat met de natuur worden internationale verplichtingen nu afgedwongen, waardoor natuur en landbouw kunstmatig tegenover elkaar zijn gezet. Dit uit zich in bijvoorbeeld de stikstofhoax, de rewilding van de wolf en de negatieve beeldvorming over boeren. In combinatie met Europese regelzucht, onlogische nationale wetgeving, onbetrouwbare modellen en het negeren van kritische experts illustreert dit een ideologisch verstarde, vrijwel religieuze stikstof- en klimaatbenadering. Ontsnappen daaruit wordt onmogelijk gemaakt.
Voorzitter. Nu de maatwerkaanpak PAS-projecten. Na de bekende PAS-uitspraken van mei 2019 werden de natuurvergunningen van ongeveer 3.500 ondernemers met terugwerkende kracht ongeldig. De minister verklaarde dat de onwettig geworden PAS-melders zouden worden gelegaliseerd. De legalisatieplicht kreeg op 1 juli 2021 kracht van wet door het amendement-Bisschop c.s. Binnen drie jaar na vaststelling van een legalisatieprogramma moest de minister in het belang van de rechtszekerheid samen met provincies zorg dragen voor de legalisatie van PAS-melders. Een recent aangenomen amendement van André Flach bevestigt deze legalisatieplicht nog eens. De overheid heeft de plicht om te vergunnen of om de vergunningsplicht te schrappen.
Het legalisatieprogramma van 2022 leverde echter nauwelijks iets op. De minister is op zoek gegaan naar andere mogelijkheden om de PAS-melders tegemoet te komen. Die zoektocht resulteerde in het voorliggende wetsvoorstel. Het wetsvoorstel verzwakt echter op twee manieren de oorspronkelijke opdracht uit het legalisatieprogramma. Waar op de deadline natuurvergunningen hadden moeten worden verleend, wordt nu uitgeweken naar andere oplossingen dan vergunnen. Ook wordt de termijn voor het legaliseren met drie jaar opgerekt. De uitdrukkelijke opdracht aan de minister en de Gedeputeerde Staten was juist om de onwettig geworden PAS-melders zo spoedig mogelijk te legaliseren. De maatwerkaanpak PAS-projecten verlengen met drie jaar kwalificeert echter niet als "zo spoedig mogelijk" en is in strijd met de rechtszekerheid en het vertrouwen als algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De getroffenen hebben in deze periode namelijk geen zekerheid dat er niet alsnog wordt gehandhaafd door het bevoegd gezag. Hoewel de minister aangeeft dat dit onwaarschijnlijk lijkt, geeft de politieke lijn van het komende kabinet en van de huidige gedeputeerden in enkele provincies mijn fractie weinig vertrouwen in een coulante houding jegens de nog steeds niet gelegaliseerde PAS-melders.
Dan het advies van de Raad van State over de wetenschappelijk onderbouwde rekenkundige ondergrens voor stikstofdepositie, gebaseerd op het expertoordeel van prof. dr. Arthur Petersen. De hoofdconclusie van de Raad van State was dat een dergelijke ondergrens kwetsbaar is en niet-geringe risico's met zich meebrengt, zodat deze in rechte geen stand zal houden. Dit is echter op meerdere cruciale punten zwak, inconsistent en onvolledig en ondermijnt daarom ten onrechte dit wetsvoorstel. De Raad van State negeert belangrijke wetenschappelijke en juridische context en relevante jurisprudentie uit andere EU-lidstaten.
Voorzitter. Onze punten van kritiek op dit belangwekkende, maar onjuiste advies. De rol van de Raad van State als wetenschappelijk beoordelaar is inconsistent. De Raad van State stelt: "In de eerste plaats is het van belang te benadrukken dat de afdeling zelf geen wetenschappelijk oordeel kan en zal geven over het expertoordeel van Petersen." Vervolgens doet de Raad van State echter precies het tegenovergestelde door een materieel wetenschappelijk standpunt in te nemen dat direct ingaat tegen de kern van Petersens betoog. Daarbij negeert de Raad van State de wetenschappelijke conclusie van het onafhankelijke Planbureau voor de Leefomgeving. Het PBL oordeelt in zijn review dat de door Petersen voorgestelde ondergrens — ik citeer — "redelijk tot goed onderbouwd is" en dat zijn argumentatie "logisch opgebouwd is en goed aansluit bij de wetenschappelijke literatuur". Door deze positieve wetenschappelijke beoordeling te negeren en tegelijkertijd zelf een tegenovergesteld wetenschappelijk standpunt in te nemen handelt de Raad van State inconsistent.
Punt twee, een onjuiste vermenging van de rekenkundige ondergrens en de drempelwaarde. De Raad van State waarschuwt voor het risico dat de rechter de ondergrens van 1 mol zal aanmerken als een beleidsmatige drempelwaarde, in plaats van als een wetenschappelijke rekenkundige ondergrens. Deze waarschuwing is echter een zwaktebod, omdat de Raad van State hiermee zelf bijdraagt aan de verwarring die hij zegt te vrezen. De begrippen verschillen namelijk wezenlijk en fundamenteel. Vermenging is verwarrend. De rekenkundige ondergrens heeft een wetenschappelijke grondslag en kent meet- en modelmatige beperkingen. Het doel is te bepalen tot waar een effect aan een individuele bron kan worden toegerekend, waarbij het een feit is dat onder deze grens de causaliteit niet kan worden vastgesteld. Een voorbeeld hiervan is hoe onze Duitse buren het doen, met de Duitse Abschneidewert van 21 mol, die hier al eerder is genoemd. Ook het voorstel van Petersen van 1 mol is een voorbeeld.
Iets heel anders is de beleidsmatige drempelwaarde. Dat is een politieke keuze om vrijstellingen voor een vergunningsplicht voor projecten te bepalen, waarbij effecten door middel van maatregelen kunnen worden gecompenseerd, zoals het voormalige PAS-systeem. Door te suggereren dat een rechter dit onderscheid niet zou zien, onderschat de Raad van State de juridische precisie en negeert hij de expliciete wetenschappelijke onderbouwing.
Punt drie, een irrelevante koppeling van een verdedigbare ondergrens met natuurherstel. Deze koppeling is fundamenteel onjuist en vermengt twee volledig gescheiden domeinen in artikel 6 van de Habitatrichtlijn, namelijk lid 3, individuele projecten, en lid 1 en 2, de algemene zorgplicht op gebiedsniveau. De Raad van State koppelt ten onrechte een beleidsmatige voorwaarde, natuurherstel, aan een wetenschappelijk principe, de detectiegrens.
Punt vier, het negeren door de Raad van State van de juridische praktijk in andere EU-lidstaten. De hoogste Duitse bestuursrechter heeft geoordeeld dat het equivalent van 21 mol per hectare per jaar, een waarde die 21 keer hoger is dan de Nederlandse voorgestelde 1 mol, juridisch houdbaar is onder gelijke Europese wetgeving, de Habitatrichtlijn. De rechter stelde verder dat de beoordeling niet kan afhangen van stikstofdepositie die niet gemeten kan worden en dat het voorzorgprincipe niet nul risico vereist. Het feit dat een grens van 21 mol over de grens standhoudt voor de hoogste Duitse rechter, onder diezelfde Habitatrichtlijn, maakt de conclusie van de Raad van State dat een 21 keer lagere ondergrens in Nederland kwetsbaar is, uiterst zwak en onvoldoende onderbouwd.
We hebben het al gehad over de overschatting van het AERIUS-model en de onzekerheidsfactor die daarin zit. Uit het onderzoek van TNO blijkt dat berekeningen op hectareniveau zelfs een onzekerheid van een factor 2 tot 3 kunnen hebben. De schijnzekerheid van berekeningen van 0,01 mol is hier duidelijk.
De conclusie van het advies van de Raad van State is daarom niet houdbaar. Het advies lijkt in deze kwestie meer gebaseerd op een overmatige, bijna dogmatische interpretatie van het voorzorgprincipe dan op een evenwichtige analyse van wetenschappelijke en juridische feiten. Forum deelt daarom de mening van de minister dat de nieuwe rekenkundige ondergrens rechtskundig aanvaardbaar is. Consensus over alle onderdelen van het expertoordeel is niet nodig. De hoogste Europese rechter eist alleen dat het expertoordeel geen leemte vertoont en volledige, nauwkeurige en definitieve constateringen en conclusies bevat die elke redelijke wetenschappelijke twijfel over de gevolgen van betrokken activiteiten wegnemen. De Raad van State legt dus een te zware maatstaf aan om te beoordelen of het expertoordeel kwalificeert als de best beschikbare wetenschappelijke kennis.
Blijkens de uitingen van de minister is er reeds een oplossing voorhanden om de PAS-melders te kunnen legaliseren en hiermee handhaving te voorkomen. Volgens de minister is die oplossing rechtskundig aanvaardbaar. Dat delen wij. Omdat de minister en Gedeputeerde Staten zo spoedig mogelijk zorg moeten dragen voor legalisatie van de PAS-melders, valt niet in te zien waarom de uiterste dag van legalisatie van de PAS-melders niet nu al definitief kan worden gemaakt, gefundeerd op robuuste argumenten en, ik geef toe, een dappere politieke afweging. De minister kan nu al overgaan tot definitieve maatregelen die meebrengen dat de PAS-melders worden gelegaliseerd. Mijn fractie overweegt op dit punt een motie in tweede termijn.
De minister stelt dat de maatwerkaanpak PAS-projecten ervoor zal zorgen dat eventuele handhavingsverzoeken kunnen worden afgewezen, vanwege de breed gevoelde plicht om de PAS-melders te helpen. Dan kan of zal het bevoegd gezag afzien van handhaving. Forum deelt dit optimisme helaas niet. Concrete oplossingen en maatregelen onder de maatwerkaanpak PAS-projecten ontbreken nog. Het risico blijft dat de bestuursrechter zal oordelen dat handhavend optreden door het bevoegd gezag is geoorloofd, juist zolang er geen definitieve oplossing is. Met andere woorden: de PAS-melders blijven tot dan onwettig en handhaving blijft dreigen.
Voorzitter. Ik kom tot mijn conclusie. Wij zien dat de wil er was om de PAS-melders te helpen, maar dat het deze minister onmogelijk is gemaakt haar beleid om te zetten in snellere, concrete resultaten. Met een coalitiepartner die straks haar handtekening zet onder een regeerakkoord met verklaarde stikstofadepten en landbouwonvriendelijke partijen en adviseurs die deze minister vooral vleugellam maakten door te focussen op de onmogelijkheid van haar beleid en met een eigen fractie die helaas geen vuist kon maken in de coalitie, is het de minister niet te verwijten dat de verwachtingen die de sector had niet zijn waargemaakt. Wat resteert is een schamele troostprijs waar van alles op valt af te dingen. Toch is dit wetsvoorstel beter dan helemaal niets. Forum voor Democratie wil de minister dan ook ondanks onze kritiek steunen om dit voorstel voor de poorten van de stikstofhel weg te slepen en komt in de tweede termijn wellicht met een motie om van de troostprijs toch een hoofdprijs te maken.
Dank u wel.
De voorzitter:
Ik dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan mevrouw Straus van de VVD voor haar maidenspeech.