1. 36643 (R2202)
Inbreng voor het tweede verslag kan worden geleverd op 14 april 2026.
2. 36800 I
De commissie brengt blanco verslag uit, teneinde het wetsvoorstel als hamerstuk af te doen.
3. 36800 IIA
De commissie brengt blanco verslag uit, teneinde het wetsvoorstel als hamerstuk af te doen.
4. 36800 IIB
Inbreng voor het verslag kan worden geleverd op 14 april 2026.
5. 36800 III
De commissie brengt blanco verslag uit, teneinde het wetsvoorstel als hamerstuk af te doen.
6. 36800 C
Inbreng voor het verslag kan worden geleverd op 14 april 2026.
7. 36800 B
Inbreng voor het verslag kan worden geleverd op 14 april 2026.
8. CLVI, AE
Inbreng voor het tweede verslag wordt geleverd door de fractie van de PVV (Van Hattem).
Daarnaast besluit de commissie, op verzoek van het lid Nicolaï (PvdD), in de volgende commissievergadering vast te stellen of een commissiemeerderheid de Kamer wenst voor te stellen een voorlichtingsaanvraag aan de Afdeling advisering van de Raad van State te sturen met de vraag of het vergaderen op een andere dag dan een dinsdag kan worden aangemerkt als een 'bijzondere omstandigheid'.
9. 29362 / 36600 B, AI en 29362 / 36600 B, AK
Inbreng voor nader schriftelijk overleg wordt heden geleverd door:
- de fracties van GroenLinks-PvdA, SP, Volt, ChristenUnie, Fractie-Van de Sanden, Fractie-Visseren-Hamakers, Fractie-Walenkamp, JA21, PvdD en OPNL gezamenlijk (Fiers);
- de fracties van OPNL, GroenLinks-PvdA, BBB, SP, ChristenUnie, PvdD, Volt, Fractie-Visseren-Hamakers en Fractie-Van de Sanden gezamenlijk (Van der Goot);
- de fractie van de BBB (Van Langen-Visbeek);
- de fractie van de VVD (Straus);
- de fractie van D66 (Karaaslan-Kilic) en
- de fractie van de PVV (Van Hattem).
De conceptbrief zal per e-mail aan de leden van de commissie worden voorgelegd.
10. 36800 B / 36800 C / 36600 B, C
De commissie besluit op 14 april 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor nader schriftelijk overleg naar aanleiding van de brief van 24 maart 2026 (36.800 B / 36.800 C / 36.600 B, C).
11. 36800 B, D
De commissie besluit op 14 april 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor nader schriftelijk overleg naar aanleiding van de brief van 26 maart 2026 (36.800 B, D). Deze inbreng zal gecombineerd worden met die inzake de brief van 24 maart 2026 (36.800 B / 36.800 C / 36.600 B, C). (Zie besluit bij punt 10 van deze korte aantekeningen.)
12. 36887, A
Inbreng voor nader schriftelijk overleg naar aanleiding van de brief van 6 maart 2026 (36.887, A) wordt heden geleverd door de fractie van de BBB (Van Langen-Visbeek). De conceptbrief zal per e-mail aan de leden van de commissie worden voorgelegd.
13. Mededelingen en informatie
In het geplande kennismakingsgesprek met de minister van BZK op 14 april 2026 wenst de commissie in ieder geval te spreken over:
- medebewind;
- experimenten met nieuwe stembiljetten (Tijdelijke experimentenwet 35.455);
- constitutionele zaken genoemd in het regeerakkoord.
Het lid Karaaslan-Kilic (D66) verzoekt de vier rapporten van de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme te betrekken bij het voorgenomen gesprek met de Staatscommissie in de zomer van 2026.
Het lid Van Bijsterveld (JA21) verzoekt de griffie na te gaan of het symposium 'Constitutioneel Café – de parlementaire weging van grondrechten', dat plaatsvindt op maandag 11 mei 2026 ook digitaal kan worden gevolgd dan wel achteraf kan worden teruggekeken.
De commissie besluit, op verzoek van het lid Van Langen-Visbeek (BBB), het speciaal verslag van de Europese Rekenkamer over de adviesorganen van de EU ter bespreking te agenderen voor de eerstvolgende commissievergadering.